Maandelijks archief: april 2012

Een mini-rel

De mini’s van de Albert Heijn; miniatuurtjes van supermarktartikelen die gratis aan de kassa worden verstrekt, mits de klant genoeg geld uitgeeft. Ze zijn in zeer korte tijd – misschien een week, misschien langer, ik weet het niet – een fenomeen geworden. Tienermeisjes noemen ze ‘schattig’ en ouderen sparen ze voor de kleinkinderen, want die kunnen er zo leuk mee spelen. Er zijn zelfs kinderen de deuren langs gegaan om erom te bedelen. Ik noem het een mini-rel.

Op een maandagmiddag kwam ook mijn vader met mini’s thuis. “Kijk, Maart. Mini’s. Leuk hè?” Ik zou tegen het plafond gevlogen zijn als hij dit niet op sarcastische toon had gezegd, maar dat deed hij gelukkig wel. Een volwassen man die opgewonden raakt van een stel miniatuurboodschappen… Nee, dat lijkt me niks. Ergens was ik wel benieuwd naar de nieuwe verkooptruc van de grootste supermarkt van Nederland; iedereen praatte er immers over.

Mijn vader liep naar de keuken om de plastic verpakkinkjes open te knippen. De prullen zijn hierin niet zichtbaar, dus het blijft tot het allerlaatste knipmoment een mysterie welke mini je meegekregen hebt. Ik snap niet of dit een slim trucje is om het geheel interessant te maken, of een manier om gedoe aan de kassa te voorkomen. Stel je eens voor: “Nee, deze heb ik al, geef me maar een andere.” “Sorry, mevrouw, ik moet de andere klanten helpen. U zult het hiermee moeten doen.” “Zeg, wie denk je wel niet dat je bent, achterlijk mormel! Ik spaar deze dingen voor mijn kleinkinderen!” “Iedereen, mevrouw, maar ik verzoek u toch echt-“ “Ik heb nota bene nog maar een jaar te leven! Alles wat ik wil, is mijn kleinkinderen iets geven wat ze aan mij doet denken en jij wil me niet eens de mini geven die ik daarvoor nodig heb!” Dat zou voor een hoop rotzooi zorgen.

De verpakking was geopend en mijn vader mompelde wat over ketchup en een Marsreep. Hij legde de miniatuurtjes ongeïnteresseerd op het aanrecht en begon de boodschappen uit te pakken. Ik voelde de spanning stijgen toen ik richting de plastic gevallen liep. Zou ik eindelijk de kans krijgen de mini’s van Heijn met eigen ogen te bewonderen? Ik pakte de minifles Heinz tomatenketchup en de minireep van Mars tussen duim en wijsvinger en het was net of de wereld stilstond…

Nou, niet echt, dus. Ik voelde totaal geen emotie bij het vasthouden van de plastic prullen en ik snapte niet waarom er nou zoveel om te doen was. Schattig vond ik ze al helemaal niet; ik heb ook een gewone fles ketchup in de koelkast staan. Daar zit nog ketchup in ook.

Bij wijze van goede daad heb ik de mini’s maar aan een meisje uit mijn klas gegeven, want zij vindt ze wél leuk. Onbegrijpelijk.

Samen

Goed, ik heb je verdriet gedaan. Soms is dat onvermijdelijk, dat is nou eenmaal een feit. Soms moet een mens eens aan zichzelf denken. Soms gebeuren er dingen en soms weet je niet waarom, maar er is altijd een reden voor. Die zal vanzelf blijken.

We hebben avonden lang gepraat. Ik heb je dingen verteld die niemand wist. Jij vertelde me dingen die ik al wist en dingen die ik niet wilde horen. We deelden een hoop en dat voelde goed. Van iets goeds zou je nooit spijt mogen hebben.

Het noodlot sloeg toe, zoals jij had voorspeld. Die voorspelling heb ik weggewuifd, alsof ik wist dat ze niet klopte. Ik stelde jou en mezelf gerust en de volgende dag praatten we weer. Urenlang, alsof er niets bestond dan ons gesprek.

Toen we elkaar niet meer spraken, had ik verdriet. Jij ook, maar ik deed alsof ik het niet wist. Ik liet jou met rust en jij leidde jezelf af. Zo gaat dat, soms.

Elkaar ontwijken bleek geen oplossing, want in gedachten waren we samen. Voor altijd verbonden door de uitwisseling van woorden die alleen voor ons bestemd zijn. Ze zijn in de lucht achtergebleven, als dauwdruppels ’s ochtends op het gras.

We besloten elkaar weer op te zoeken. Het voelde onwennig en toch vertrouwd. Ik was zo blij dat ik je weer aan mocht kijken, maar ik denk niet dat ik dat uit hoef te leggen. We waren allebei opgelucht dat we weer contact hadden.

Voorlopig zal ons contact niet meer hetzelfde zijn, maar het is in ieder geval terug. Op wat voor manier weet geen mens, maar dat is niet nodig. We zijn wie we zijn. Samen.